Verslag Spetterexcursie: Natuur, geologie en cultuurhistorie rondom Oosterbeek en Wolfheze

SPETTEREXCURSIE 2025: Oosterbeek en Wolfheze
zaterdag 30 aug 2025 | verzamelen om 9:30 uur op carpoolplaats A28 in Leusden | terug rond 16:15 uur

Het was een dag met natuur, geologie en cultuurhistorie

Verslag Spetterexcursie: Margreeth Pels Rijcken

De Spetterexcursie start in Oosterbeek, met koffie/thee en een korte introductie door Maarten Veldhuis. Maarten werkt bij ingenieursadviesbureau Antea Group, en is deskundig op het gebied van de geologie en waterhuishouding op de Veluwe, en in het bijzonder de historie en rol van de sprengenbeken.

Na zijn introductie vertrekken we voor een wandeling (ca 4,5 km), waarbij we onderweg uitleg krijgen over de beken als afvoersysteem van de ondergrondse Veluwse waterbel. We dalen daarbij af richting Nederrijn.

Onder de Veluwe zit een grote bel grondwater. De Veluwe is opgestuwd in de ijstijden. Door erosie zijn er dalen ontstaan richting de grote rivieren. Daar komt het grondwater dicht aan de oppervlakte. Sprengen werden gegraven om water te hebben voor watermolens in de 15de, 16de, 17de en 18de eeuw. Er waren er wel 200. Door de stoommachine kwam hier een eind aan. Op deze romantische plekken werden buitenplaatsen aangelegd, waar het water gebruikt werd voor stroompjes, watervallen en vijvers.

We wandelen door het park van Hartenstein. Hier is het Airbornmuseum. Er staan veel oude bijzondere bomen. Onder andere een heel dikke Sequoiadendron. De beek, de Oorsprong, loopt hoger dan het dal, om een waterval te voeden. In de bosgrond zien we reliëf, waar tijdens de slag om Arnhem mansgaten waren, vanwaaruit de Engelsen konden schieten. Lager gelegen zien we bevervraat aan een boompje. Er is een beverdam, die zorgt dat een weilandje bevloeid wordt met basenrijk water, waardoor er bijzondere planten kunnen groeien.

Daarna volgen we een deel van een Kerkepad, dat loopt naar het kerkje van Oosterbeek, dat stamt uit de 10de eeuw. De beken komen hier uit in de Grift. Via de Gielenbeek klimmen we weer omhoog. Hier is de vegetatie natuurlijker. Er groeit Groot Heksenkruid en uitbundig Paarbladig Goudveil, een karakteristieke soort voor bronmilieus. We staan stil bij “de spreng op de hemelse berg”. Het water loopt om een eilandje heen en zakt lager weer in de grond. Daarna komt het als Gielenbeek weer tevoorschijn. Er zijn wel 600 sprengen aan de zuid- en oostkant van de Veluwe.

Voor de lunch rijden we naar de parkeerplaats van Fletcherhotel Wolfheze. Hier worden nu asielzoekers opgevangen. We eten onze boterham in de schaduw van bomen bij de heerlijke temperatuur van 22 graden. Arie ontdekt kleverige salie, die geel bloeit en naar citroen ruikt.

Na de lunch maken we een wandeling ‘Laag Wolfheze’ (ca. 4,5 km, uitgezette route) in een natuurgebied van Natuurmonumenten. Berber Wesseling (gids van Natuurmonumenten) geeft ons een rondleiding. We lopen over de Schelmseweg, die loopt van Wageningen naar Arnhem, waar de schelmen naar het gerecht werden gebracht. Gedeelten bos en open stukken, waar heideschapen grazen binnen een tijdelijk elektrisch raster. We komen langs grafheuvels van 2000 tot 800 jaar voor Christus. Het dorp Laag Wolfheze is alleen in het reliëf van de grond terug te vinden. Er was een tufsteen kerkje en een paar boerderijen. Alles is in de 80-jarige oorlog door de Spanjaarden platgebrand. Over de A50 is een ecoduct, waardoor er weer verbinding is met de Doorwerthse heide. De Koningsheuvel is de hoogste grafheuvel.

We komen langs het Rondeel, een verhoogd plateau met een gracht eromheen, dat voor verdediging zal geweest zijn. Het ligt bij de kruising van de oude wegen de Schelmseweg en de Hessenweg. Hessenkarren vervoerden handelswaren vanuit Duitsland naar west Nederland, waar het vervoer verder ging per schip. Dit gebeurde tot er spoorwegen kwamen.

De struikhei bloeit. Het is hier erg droog. We komen bij de Heelsumse Beek. Vroeger stroomde hier meer water en dat werd gebruikt voor papiermolens. Naast de beek is de adderheuvel. Hier komen alle in Nederland levende reptielen voor, behalve de muurhagedis. Met de adder gaat het niet goed.
Langs de beek staan de Wodanseiken. Zij zijn 450 jaar oud. Ze zijn zo genoemd door de romantische schilders van de Oosterbeeks school, onder andere Bilders, Mauve en Koekkoek.

Na de wandeling is er een hapje en drankje, waarna we teruggaan naar Leusden/Amersfoort.

Organisatie Spetterexcursie: Wim van Hartingsveldt en Arie van den Bremer